erfgenamen 1. Wie beërven de Hemel?

Het hemelse Koninkrijk – waar Jezus over sprak – was de hoofdreden voor Zijn komst. In dit artikel wordt – aan de hand van de Schrift – elke groep afzonderlijk beschreven die het hemelse Koninkrijk zal beërven en zij, die het Koninkrijk niet zullen beërven. In dit artikel wordt ook uitgelegd waar het Paradijs zich bevindt en wat de belofte inhoudt, om de aarde te beërven.

Inleiding

Jezus sprak gedurende zijn prediking voortdurend over het hemelse koninkrijk:

NBV     (Lukas 4:43) 43 Maar hij zei tegen hen: ‘Ook in de andere steden moet ik het goede nieuws over het koninkrijk van God brengen, want daarvoor ben ik gezonden.’

Een groep van 144.000 heiligen zijn uitverkoren met het voorrecht om met Jezus als koningen en priesters te regeren.

NBV     (Openbaring 7:4) 4 Toen hoorde ik het aantal van hen die het zegel droegen: honderdvierenveertigduizend in totaal, afkomstig uit elke stam van Israël.

HerzSt  (Openbaring 5:10) 10   En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij zullen als koningen regeren over de aarde.

In het boek Openbaring wordt beschreven dat dit koninkrijk zal regeren vanuit  het  ‘nieuwe Jeruzalem’:

NBV     (Openbaring 3:12) 12 Wie overwint maak ik tot een zuil in de tempel van mijn God. Daar zal hij voor altijd blijven staan. Ik zal op hem de naam schrijven van mijn God en van de stad van mijn God, het nieuwe Jeruzalem dat bij mijn God vandaan uit de hemel zal neerdalen, en ook mijn eigen nieuwe naam.

De apostelen en profeten vormen het fundament van het Nieuwe Jeruzalem, terwijl Jezus zelf de hoeksteen is.

HerzSt  (Openbaring 21:14) 14   En de muur van de stad had twaalf fundamenten met daarop de twaalf namen van de twaalf apostelen van het Lam.

HerzSt  (Efeziërs 2:19,20) 19 Zo bent u dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers van de heiligen en  huisgenoten van God, 20   gebouwd  op het fundament van de apostelen en profeten,  waarvan Jezus Christus Zelf de hoeksteen is…

Verder wordt er in Openbaring gesproken over een grote schare, die niemand  tellen kon:

NBG51 (Openbaring 7:9,14) 9 Daarna zag ik, en zie, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natiën en talen stonden voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen….14 En ik sprak tot hem: Mijn heer, gíj weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking; en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed des Lam.

Over het offer dat Jezus heeft gebracht geeft de schrift heldere informatie; Jezus is voor allen gestorven:

NBV     (1 Johannes 2:2) 2 Hij is het die verzoening brengt voor onze zonden, en niet alleen voor die van ons, maar voor de zonden van de hele wereld.

NBV     (Johannes 1:29) 29 De volgende dag zag hij Jezus naar zich toe komen, en hij zei: ‘Daar is het lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt.

NBV     (1 Timotheüs 4:10) 10 Hiervoor zwoegen en strijden wij, omdat wij onze hoop gevestigd hebben op de levende God, die de redder is van alle mensen, bovenal van de gelovigen.

Om beter te kunnen onderscheiden wie de hemel en wie de aarde zullen beërven moeten we weten welke erfenis iedere groep zal ontvangen en vervolgens tot welke groep iemand behoort.

Er worden in Op.11:18 drie groepen genoemd die een beloning ontvangen; de profeten, de heiligen en degenen die, jong en oud, ontzag hebben voor uw naam:

NBV     (Openbaring 11:16-18) 16 De vierentwintig oudsten op hun tronen bij God wierpen zich neer en aanbaden God 17 met de woorden: ‘Wij danken u, Heer, onze God, Almachtige, die is en die was, want in uw grote macht neemt u nu het koningschap op u. 18 De volken raasden in woede, maar nu laat u uw woede razen. De tijd is gekomen om een oordeel te vellen over de doden; en om uw dienaren, de profeten, te belonen, evenals de heiligen en degenen die, jong en oud, ontzag hebben voor uw naam; en ook om hen die de aarde vernietigen nu zelf te vernietigen.’

Om de drie groepen helder te kunnen plaatsen wordt  als eerste de groep heiligen besproken, waarover in de Griekse geschriften uitgebreid wordt geschreven.

Lees verder in: 2. De Heiligen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *