4. De geheimen uit het boek Daniël ontrafeld, met verhelderend inzicht.

Daniël deel 4.pdf

(Daniël 12:4) 4 Maar u, Daniël, houd deze woorden geheim en verzegel dit boek tot de tijd van het einde. Velen zullen het onderzoeken en de kennis zal toenemen.
.                      (Alle aanhalingen uit de Herziene Statenvertaling)
————————————————————————————————————

Waarom wordt er zoveel aandacht geschonken aan de Antichrist in de Bijbel?
Omdat deze persoon verreweg de grootste belager wordt van Gods volk. Het is deze persoon, een Satanist, die als koning de grote verdrukking voor Gods volk zal veroorzaken.

Samenvatting deel 3:
De jaloezie en minachting van de elite voor getrouwe aanbidders in Babylon.
Getrouwe Christenen zijn geen deel van deze wereld met zijn onredelijke en hardvochtige elite.
De 4 wereldmachten die zullen komen vanaf de laatste koning Zedekia van Juda in de lijn van David.
De 7 wereldmachten die zullen komen vanaf de roeping van Abraham uit Ur, de VS als 7e
Sommigen van de heilige engelen veroorzaken een verwoestende afval, zij worden demonen, helpers van Satan.
Sommigen van Gods volk veroorzaken een verwoestende afval, worden kinderen van Satan.

Thema: De engel Gabriël vertelde Daniël een profetie die in de huidige dagen zijn vervulling krijgt.

Daniël hoofdstuk 9

  • De smeekbede van Daniël

In het eerste regeringsjaar van Darius onderzocht Daniël de boeken van Jeremia en las daarin dat na zeventig jaar na de verwoesting van Jeruzalem God weer naar Zijn volk zou omzien (Dan. 9:1-2):

(Jeremia 25:12) 12 Maar het zal gebeuren wanneer de zeventig jaar voorbij zijn, dat Ik de koning van Babel en dat volk – spreekt de HEERE – hun ongerechtigheid zal vergelden, en ook het land van de Chaldeeën en Ik zal dat maken tot eeuwige woestenijen.
(Jeremia 29:10) 10 Want zo zegt de HEERE : Voorzeker, pas wanneer zeventig jaren in Babel voorbij zijn, zal Ik naar u omzien en over u Mijn goede woord gestand doen, door u terug te brengen naar deze plaats.

Daniël zond smeekbeden op, ging vasten en beleed de grove fouten van het Joodse volk, zodat God Zijn barmhartigheid zou tonen voor het Joodse volk in Babylon (Dan. 9:3-18).

  1. De profetie van de 70 weken

Er werd onmiddellijk een antwoord gestuurd na Daniëls gebed en smekingen.
Terwijl Daniël nog zijn gebeden aan het uitspreken was, kwam Gabriël om hem te onderwijzen.
Gabriël bevestigde Daniël dat de Joden zouden terugkeren naar hun land, en dat Jeruzalem met de tempel herbouwd zou worden. Ook vertelde hij over een Messias, de Vorst, die zou komen:

(Daniël 9:24) 24 Zeventig weken zijn er bepaald over uw volk en uw heilige stad, om de overtreding te beëindigen, de zonden te verzegelen, de ongerechtigheid te verzoenen, om een eeuwige gerechtigheid tot stand te brengen, om visioen en profeet te verzegelen, en om de Heiligheid van heiligheden te zalven.

De 70 weken profetie is volgens onze studie tevens de beschrijving van het einde van de Mozaïsche wet, die zou worden vervangen door het ‘nieuwe verbond’ dat Jezus sloot met zijn apostelen. ‘Om de overtreding van het wetsverbond te beëindigen’, geen Jood kon dit wetsverbond volmaakt houden:

(Galaten 3:10) 10 Want allen die uit de werken van de wet zijn, zijn onder de vloek. Er staat immers geschreven: Vervloekt is ieder die niet blijft bij alles wat geschreven staat in het boek van de wet, om dat te doen.

(Daniël 9:25) 25 U moet weten en begrijpen: vanaf de tijd dat het woord uitgaat om te laten terugkeren en om Jeruzalem te herbouwen tot op Messias, de Vorstverstrijken er zeven weken en tweeënzestig weken. Plein en gracht zullen opnieuw gebouwd worden, maar wel in benauwde tijden.

Vanaf ‘het woord om Jeruzalem te herbouwen’ tot de Messias zouden er 7 + 62 weken verstrijken.

(Daniël 9:26) 26 Na de tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hemzelf zijn. Een volk van een vorst, een volk dat komen zal, zal de stad en het heiligdom te gronde richten. Het einde ervan zal zijn in de overstromende vloed en tot het einde toe zal er oorlog zijn, verwoestingen waartoe vast besloten is.

Jezus heeft ‘niet voor Zichzelf’ Zijn leven gegeven en is gedood als losprijs voor de zondige mensheid:

(Markus 10:45) 45 Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven als losprijs voor velen.

Toen Daniël de profetie ontving was de 1e  tempel reeds lang verwoest door het Babylonische rijk.
Terwijl Gabriël vertelt over ‘een nieuwe tempel’, zegt hij er meteen bij dat ‘het heiligdom’ vernietigd zal worden door een vorst. Het is de vernietiging van de 2e tempel door de Romeinen in 70 n.Chr.
De vloed, is de Hebreeuwse metafoor voor grote legers. ‘Tot het einde zal er oorlog zijn’.
Satan als heerser van deze wereld zal oorlog brengen:

(Mattheüs 24:6) 6 U zult horen van oorlogen en geruchten van oorlogen; pas op, word niet verschrikt, want al die dingen moeten gebeuren, maar het is nog niet het einde.

(Daniël 9:27) 27 Hij zal voor velen het verbond versterken, één week lang. Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden. Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vast besloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste.

Het Hebreeuwse woord voor ‘weken’ is op zich minder specifiek, het betekent een groep van ’zeven’, een heptad. Feitelijk staat er: 70 groepen van 7.
Het kunnen geen letterlijke 70 weken (of ruim een jaar) geweest zijn in deze profetie.
Christus zou dan niet de beloofde Messias kunnen zijn.
Wanneer we als hypothese voor iedere dag een jaar nemen, zoals ook toegepast bij Ezechiël 4:6 ‘Voor elk jaar leg Ik u een dag op’ en bij Numeri 14:34 ‘veertig dagen, voor elke dag een jaar’, dan spreken we niet meer over ‘weken’, maar over ‘jaarweken’.

Jezus is voor ons gestorven na +/- 3,5 jaar prediking, op ongeveer de helft van de jaarweek.
Na Jezus volmaakte offer als het Lam Gods was dat terugkerende offer ook niet meer nodig:

(Hebreeën 10:12,18 ) 12 maar deze Priester is, nadat Hij één slachtoffer voor de zonden geofferd had, tot in eeuwigheid gezeten aan de rechterhand van God…18 Waar er nu vergeving voor is, is er geen offer voor de zonde meer nodig.

Het heilige der heiligen is het heiligste gedeelte van de tempel (Exodus 26:33) waar ook de ark van het verbond stond. Er hing een voorhangsel tussen het heilige en het heilige der heiligen.
Dit voorhangsel scheurde in tweeën toen Jezus stierf (Mattheüs 27:51):

(Hebreeën 9:12) 12 Hij (Christus) is niet door bloed van bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed eens en voor altijd binnengegaan in het heiligdom (heilige der heiligen) en heeft daardoor een eeuwige verlossing teweeggebracht.

Daniël 9:27b, ‘Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vast besloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste’

Het betekent niets anders, dan dat Jeruzalem met Gods tempel verwoest zou worden door ‘een meedogenloze tegenstander, een ongelovige verwoester’ tot aan de voleinding:

(Mattheüs 23:37-38) 37 Jeruzalem, Jeruzalem, u die de profeten doodt en stenigt wie naar u toe gezonden zijn! Hoe vaak heb Ik uw kinderen bijeen willen brengen, op de wijze waarop een hen haar kuikens bijeenbrengt onder haar vleugels; maar u hebt niet gewild! 38 Zie, uw huis wordt als een woestenij voor u achtergelaten.

Hoewel de verwoesting van de 2e tempel na de ‘zeventig weken’ zou plaatsvinden, zou deze verwoesting een direct verband hebben met de gebeurtenissen tijdens de eerste helft van de 70e week, toen veel  Joden de Zoon van God, de Messias, niet geloofden en verwierpen.

  1. Wat heeft Jezus in Zijn dagen op aarde voorzegd over de tempel van Jeruzalem

Om de profetie van de 70 weken beter te kunnen begrijpen is het belangrijk om te weten wat Jezus hier over zei. Gedurende Zijn prediking kondigde Jezus de verwoesting van Jeruzalem met zijn tempel aan:

(Mattheüs 24:1-2) 1 En Jezus ging weg en vertrok uit de tempel; en Zijn discipelen kwamen naar Hem toe om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen. 2 Jezus antwoordde en zei tegen hen: Ziet u dit alles? Voorwaar, Ik zeg u: hier zal niet één steen op de andere steen gelaten worden die niet afgebroken zal worden.

Wanneer zou het gebeuren dat de tempel steen voor steen zou worden afgebroken?
Dat antwoord vereist een zorgvuldige uitleg, omdat Jezus in Zijn antwoord sprak over ‘de gruwel der verwoesting’, waar ook Daniël over sprak:

(Mattheüs 24:15-16) 15 Wanneer u dan de gruwel van de verwoesting, waarover gesproken is door de profeet Daniël, zult zien staan op de heilige plaats – laat hij die het leest, daarop letten! – 16 laten dan zij die in Judea zijn, vluchten naar de bergen.

In Mattheüs 24:15 staat in de tussengevoegde zin ‘laat hij die het leest, daarop letten!’ wat zoiets betekent als ‘om dit met onderscheidingsvermogen te lezen’.
Wat moet er dan worden onderscheiden?
Volgens ons onderzoek moet er een onderscheid gemaakt worden tussen twee verschillende situaties; 1e – de heilige plaats Jeruzalem met zijn gruwel en 2e – de eindtijd met zijn gruwel.
Met de verwoesting van de tempel in Jeruzalem in de 1e eeuw, was voor de Joden hun plaats vernietigd, waar ze hun dagelijkse offers brachten en ook het jaarlijkse Pesach offer.
Jeruzalem – met inbegrip van de tempel – werd in 70 n.Chr. door de Romeinen vernietigd onder leiding van generaal Titus, de zoon van de Romeinse keizer Vespasianus.
Iets verder in datzelfde gedeelte, in Mattheüs 24:21, spreekt Jezus over een grote verdrukking die dan zal plaatsvinden, zoals die er nog nooit is geweest:

(Mattheüs 24:21) 21 Want dan zal er een grote verdrukking zijn, zoals er niet geweest is vanaf het begin van de wereld, tot nu toe, en zoals er ook nooit meer zijn zal.

Nu heeft er gedurende de belegering van Jeruzalem een grote verdrukking plaatsgevonden, ongeveer 1 miljoen Joden vonden destijds de dood.
Maar in Mattheüs 24:29-30 staat dat na die grote verdrukking de Zoon des mensen zal verschijnen:

(Mattheüs 24:29-30) 29 En meteen na de verdrukking van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal zijn schijnsel niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden. 30 En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid. 

Met de door Jezus genoemde grote verdrukking kan dus onmogelijk de verdrukking in 70 n.Chr. zijn bedoeld, want meteen na de grote verdrukking zal Jezus op de wolken terugkomen om Zijn uitverkorenen bijeen te brengen, de Heer tegemoet (1 Thess. 4:16-17).
Dat wordt ook bevestigd door Openbaring 3:10 waar gesproken wordt over een beproeving of verdrukking, die in de laatste dagen over de gehele wereld moet komen.

  1. De tweede gruwel van verwoesting en tweede vervulling van de grote verdrukking

Wat is dan de tweede vervulling van ‘de gruwel van de verwoesting’ van het heiligdom?
Wat is een hele heilige plaats? Dat is zonder meer Gods tempel.
Maar wat is dan de gruwel van de verwoesting in de laatste dagen?
Waarom citeert Jezus de woorden van Daniël, waar heeft Daniël dan precies over gesproken?
Daniël beschrijft diverse malen de verachtelijke koning (de Antichrist) in de laatste dagen:

(Daniël 11:21,31) 21 In zijn plaats zal er een verachtelijk man opstaan. Men zal hem de koninklijke waardigheid niet geven. Maar hij zal komen in zorgeloze rust en het koningschap zal hij grijpen door vleierijen….31 Dan zullen er uit hem krachtige armen voortkomen. Die zullen het heiligdom en de vesting ontheiligen en het steeds terugkerende offer wegnemen en de verwoestende gruwel opstellen.
(Voor de Antichrist in Daniël, zie ook: 3. De geheimen uit het boek Daniël ontrafeld)

We weten nu dat er een onderscheid gemaakt moet worden tussen twee verschillende situaties, als eerste de verachtelijke Romeinse koning Vespasianus die zijn zoon Titus een gruwel van verwoesting liet opstellen. Dat was een omheining rond Jeruzalem (met zijn tempel) met puntige palen waardoor de Joden afgesneden werden van de buitenwereld en van de levensbenodigdheden.
En in de eindtijd een verachtelijke koning (de Antichrist), koning van de 7e en laatste wereldmacht de VS met zijn gruwel van verwoesting voor de Christelijke gemeenschap of tempel.
Want Christenen vormen – sinds de verwoesting in 70 n.Chr. – de tempel van God:

(1 Korinthiërs 3:16-17) 16 Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont? 17 Als iemand de tempel van God te gronde richt, zal God hem te gronde richten, want de tempel van God is heilig, en deze tempel bent u.
(2 Korinthiërs 6:16) 16 Of welk verband is er tussen de tempel van God en de afgoden? Want u bent de tempel van de levende God….

Wat zou dan ‘het steeds terugkerende offer’ in deze ‘Christelijke’ tempel kunnen zijn?
Het ‘nieuwe’ steeds terugkerende offer is – na Jezus offer – het geloof in Jezus woorden geworden:

(Hebreeën 13:15) 15 Laten wij dan altijd door Hem een lofoffer brengen aan God, namelijk de vrucht van lippen die Zijn Naam belijden.
(1 Petrus 2:5) 5 dan wordt u ook zelf, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterschap, om geestelijke offers te brengen, die God welgevallig zijn door Jezus Christus.

Dit ‘wegnemen’ van het steeds terugkerende offer is in de laatste dagen het tot zwijgen brengen van de Christenen met hun boodschap van het goede nieuws. Wanneer door grote druk velen tot struikelen worden gebracht (de afval – 2 Thess. 2:3) doordat velen hun baan verliezen, de zondebok worden of gemeden worden in de burgergemeenschap. Dan gaan Christenen elkaar haten en verraden (Mattheüs 24:9-10), dan is dat het markeringspunt van het ‘steeds terugkerende offer’ dat in de eindtijd weggenomen zal worden.
In de eindtijd zal de verwoesting uitgegoten worden over de Christenen, door de gruwel te plaatsen.
De verwoestende gruwel in de eindtijd is het opdringen van het merkteken dat je moet hebben om te kunnen kopen of verkopen (Openbaring 13:16,17).
Het is het aanbidden van het beest of beeld, wat afgoderij is. Het is het aanbidden van Satan.

Net zoals de Romeinse invasiemacht in de 1e eeuw de tempel verwoestte, zo zal in de eindtijd het 8e koninkrijk (de 10 ongekroonde koningen) van de private centrale banken een economische ramp bewerkstelligen. Dit gebeurt via hun netwerk van medestanders, via geheime genootschappen of via de vrijmetselarij. Deze kinderen van Satan houden zich bezig met geheime en duistere zaken die het daglicht niet kunnen verdragen, met hun leugens en mooipraterij om de macht te centraliseren:

(Efeziërs 5:11-12) 11 En neem niet deel aan de onvruchtbare werken van de duisternis, maar ontmasker ze veeleer. 12 Want wat heimelijk door hen gedaan wordt, is te schandelijk om zelfs maar te vertellen.

Deze kleine groep exorbitant rijke personen willen alle echte waarde voor spotprijzen opkopen, en de mensheid als hun nieuwe gedresseerde slaven gebruiken met een afgodisch toegangssysteem.
De slogan van het World Economic Forum: ‘Own Nothing and Be Happy’: The Great Reset.
Maar is het, als reset, niet veel logischer om alle rijkdom van die kleine exorbitant rijke groep te verdelen onder de mensheid?
Nu wordt het ‘De Grote Roof’ in plaats van ‘De Grote Reset’.
Kwaadaardige filantropen hebben journalisten, media en politici bewust gecorrumpeerd om mensen uiteindelijk te kunnen dwingen om zich te laten vaccineren – om voedsel te kunnen kopen –, met grote risico’s en dramatische resultaten tot gevolg, zoals autisme, verlamming, onvruchtbaarheid, kanker of zelfs de dood. Voor de lange termijn is het unieke immuunsysteem dan onherroepelijk verstoord. Auto-immuun problemen zullen dan schering en inslag worden.

Als eerste willen ze de privacy van mensen wegnemen door het injecteren van traceerbare nano chips. De techniek is er al om te traceren, om het hele sociale patroon vast te leggen en om menselijke cellen genetisch te kunnen modificeren. Dus om controleerbare slaven te maken.
Volgens Jezus kunnen we meerdere besmettelijke ziekten (meervoud) verwachten:

(Mattheüs 24:7) 7 Want het ene volk zal tegen het andere volk opstaan, en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; en er zullen hongersnoden zijn en besmettelijke ziekten en aardbevingen in verscheidene plaatsen.

In Openbaring staat de methode voor het afgodische toegangssysteem beschreven:

(Openbaring 13:16-17) 16 En het maakt dat men aan allen, kleinen en groten, rijken en armen, vrijen en slaven een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd, 17 en het maakt dat niemand kan kopen of verkopen, behalve hij die dat merkteken heeft, of de naam van het beest of het getal van zijn naam.
(Openbaring 14:9-10) 9 En een derde engel volgde hen, die met een luide stem zei: Als iemand het beest en zijn beeld aanbidt, en het merkteken op zijn voorhoofd of op zijn hand ontvangt, 10 dan zal hij ook drinken van de wijn van de toorn van God,…..

Getrouwe Christenen zullen het merkteken, het symbool van afgoderij, nooit accepteren.

  1. De heiligen, hun rol na Jezus hemelopname en hun rol tijdens de twee getuigen profetie

De rol van de heiligen na het Pinksterfeest in de 1e eeuw

(Daniël 9:27) 27 ….Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden….

Halverwege de jaarweek werd de Messias gedood. Nadat Jezus naar de hemel was opgestegen werden de eerste Joodse discipelen van Jezus geheiligd tijdens Pinksteren +/- 33 n.Chr.
De heiligen, waarover wordt gesproken, bestonden in eerste instantie alleen uit Joden, die zich aangesloten hadden bij de beloofde Messias. Het Wekenfeest (Hebr. Sjawoeoth) was oorspronkelijk het ‘eerstelingenfeest’, het eerste en beste deel van de (gerst-)oogst van de Israëlieten, wat –  50 dagen na Pesach – geofferd werd in Gods tempel  (Numeri 28:26 – dag van de eerstelingen):

(Handelingen 2:1-4) 1 En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen. 2 En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten. 3 En aan hen werden tongen als van vuur gezien, die zich verdeelden, en het zat op ieder van hen. 4 En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.

Eerstelingen genoemd worden betekent dat deze personen tot een groep behoren, die de eersten zullen zijn met betrekking tot een hemelse opstanding. De 144.000 heiligen worden in de Schrift diverse malen eerstelingen genoemd (Jakobus 1:18)(Openbaring 14:1,4). Er werd na Pinksteren, na de eerste heiliging, in Jeruzalem gepredikt tegen Joden uit alle delen van de wereld in hun eigen taal en het goede nieuws werd ook daardoor verspreid naar alle delen van de wereld (Hand. 2:4-11).
De heiligen predikten en maakten discipelen in de 2e helft van de 70e week.
Het Mozaïsche wetsverbond zou voor de Joden na Jezus dood nog een halve jaarweek (+/- 3,5 jaar) van kracht blijven. Daarna zouden hun terugkerende offers in de tempel niet meer geaccepteerd worden. Vervolgens werden na deze 3,5 jaar ook de heidenen gedoopt en door Heilige Geest in het nieuwe verbond opgenomen met als eerste de Italiaanse hoofdman Cornelius met zijn gezin:

(Handelingen 10:1-2,45) 1 En er was een man in Caesarea, van wie de naam Cornelius was, een hoofdman over honderd van de afdeling die de Italiaanse genoemd werd, 2 een vroom man, die met heel zijn huis God vreesde, veel liefdegaven aan het volk gaf en voortdurend tot God bad….45 En de gelovigen die van de besnijdenis waren, zovelen als er met Petrus waren meegekomen, waren buiten zichzelf dat de gave van de Heilige Geest ook op de heidenen uitgestort werd,

Uiteindelijk kwam er dus na 3,5 jaar na Jezus dood een einde aan het uitstel van genade.

De rol van de heiligen in de laatste dagen
De 144.000 heiligen, die in de Schrift eerstelingen worden genoemd, zijn echter niet de enige eerstelingen. Allen die deel zullen uitmaken van Gods eerste geestelijke oogst, zijn eerstelingen.
Ook de profeten zijn heiligen, de eerstelingen van het Oude Testament:

(Lukas 1:70) 70 zoals Hij gesproken had bij monde van Zijn heilige profeten, die er door de eeuwen heen geweest zijn, (zie voor heilige profeten ook Handelingen 3:21)

In Daniël 7:25-26 wordt gesproken over het te gronde richten van ‘de heiligen van de Allerhoogste’, waarna het gerechtshof zitting neemt en de Antichrist vernietigd wordt. Openbaring 11:3,7 spreekt over de twee getuigen of heilige profeten van God, die overwonnen worden en gedood worden:

(Daniël 7:25-26) 25 Woorden tegen de Allerhoogste zal hij (de andere kleine horen, de Antichrist) spreken, de heiligen van de Allerhoogste zal hij te gronde richten. 26 Daarna zal het gerechtshof zitting houden: men zal hem zijn heerschappij ontnemen, hem verdelgen en volledig vernietigen.
(Openbaring 11:3,7) 3 En Ik zal Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen, in rouwkleding gekleed, twaalfhonderdzestig dagen lang profeteren….7 En wanneer zij hun getuigenis volbracht hebben, zal het beest dat uit de afgrond opkomt, oorlog met hen voeren en het zal hen overwinnen en hen doden.

Zowel in Daniël 7:25-26, als in Openbaring 11:3,7 (de twee getuigen profetie) wordt dus gesproken over dezelfde situatie, want deze Schriftplaatsen worden beiden vervuld vlak voor het einde:

(Mattheüs 24:14) 14 En dit Evangelie van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen.

  1. De 70 weken profetie, resumerend

In het gedeelte ‘4 Wat heeft Jezus in Zijn dagen op aarde voorzegd’ bleek uit Mattheüs 24:1-30 de dubbele vervulling van de gruwel van de verwoesting en van de grote verdrukking.
Ook Daniël 9:27 spreekt over het verwoesten van de offers ‘tot aan de voleinding’:

(Daniël 9:27) 27 Hij zal voor velen het verbond versterken, één week lang. Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden. Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vast besloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste.

In het gedeelte ‘3 De tweede gruwel van verwoesting en tweede vervulling van de grote verdrukking’ bleek dat het ‘nieuwe’ steeds terugkerende offer het geloof in Jezus woorden en de geestelijke offers zijn. De vrucht van de lippen om over Jezus te vertellen ‘Tot aan de voleinding’. Om die reden heeft de laatste halve week eveneens een dubbele vervulling zoals ook blijkt uit Daniël 7:25-26:

(Daniël 7:25-26) 25 Woorden tegen de Allerhoogste zal hij (de andere kleine horen, de Antichrist) spreken, de heiligen van de Allerhoogste zal hij te gronde richten. Hij zal erop uit zijn bepaalde tijden en de wet te veranderen, en zij zullen in zijn hand worden overgegeven voor een tijd, tijden en een halve tijd. 26 Daarna zal het gerechtshof zitting houden: men zal hem zijn heerschappij ontnemen, hem verdelgen en volledig vernietigen.

De twee getuigen profetie – door de twee heilige profeten – zal 42 maanden (van 30 dagen) of 1260 dagen in beslag nemen. Dat is eveneens precies 3,5 profetisch jaar of een halve jaarweek:

(Openbaring 11:2-3) 2 Maar laat de buitenste voorhof van de tempel erbuiten en meet die niet, want die is aan de heidenen gegeven. En zij zullen de heilige stad vertrappen, tweeënveertig maanden lang. 3 En Ik zal Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen, in rouwkleding gekleed, twaalfhonderdzestig dagen lang profeteren.

Ook in Openbaring 13:5-7 vinden we ondersteuning voor een periode van 42 maanden of 3,5 profetisch jaar van godslastering en vervolging van de heilige profeten:

(Openbaring 13:5-7) 5 En het (het beest, de koning van de 7e wereldmacht) werd een mond gegeven om grote woorden en godslasteringen te spreken, en het werd macht gegeven om dit tweeënveertig maanden lang te doen. 6 En het opende zijn mond om God te lasteren, om Zijn Naam te lasteren en Zijn tent en hen die in de hemel wonen. 7 En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen….

Zowel in Daniël 9:27, Op. 13:5-7 als in Op. 11:2-3 (de twee getuigen profetie) wordt gesproken over precies dezelfde tijdsperiode van 42 maanden of een halve jaarweek van 3,5 jaar.
Het is de dubbele vervulling van de laatste halve week ‘tot aan de voleinding toe’.

Het decreet van Kores (Cyres de Grote, koning van Perzië), om de tempel te herbouwen:
(Ezra 1:1-3) 1 In het eerste jaar nu van Kores, de koning van Perzië, wekte de HEERE de geest van Kores op, de koning van Perzië, opdat het woord van de HEERE, dat Hij bij monde van Jeremia gesproken had, vervuld zou worden om door zijn hele koninkrijk een boodschap te laten gaan, ook in geschrifte: 2 Zo zegt Kores, de koning van Perzië: Alle koninkrijken van de aarde heeft de HEERE, de God van de hemel, aan mij gegeven, en Hij is het Die mij heeft opgedragen om een huis voor Hem te bouwen in Jeruzalem, dat in Juda ligt. 3 Wie er onder u ook maar tot al Zijn volk behoort – zijn God zij met hem – laat hij optrekken naar Jeruzalem, dat in Juda ligt, en laat hij het huis van de HEERE, de God van Israël, bouwen; Hij is de God Die in Jeruzalem woont.

Een beperkte groep Joden begon met de herbouw van de 2e tempel onder leiding van Zerubbabel en in samenwerking met de hogepriester Jozua (Zacharia hoofdstuk 3+4).
Nadat de tempel gereed was werd deze met een feest ingewijd (Ezra hoofdstuk 6).

Vele jaren gingen daarna voorbij. Het was het twintigste regeringsjaar van koning Arthahsasta (Grieks – Artaxerxes) van Perzië. Nehemia was een bediende van koning Artaxerxes I van Perzië en was terneergeslagen omdat Jeruzalem met zijn stadsmuur nog steeds niet herbouwd was.
Hij kreeg toestemming van koning Artaxerxes om Jeruzalem te herbouwen met getekende brieven voor de doorgang en voor de benodigde materialen (Nehemia 2:1-8):

(Nehemia 2:6) 6 Toen zei de koning (Artaxerxes) tegen mij (Nehemia), terwijl de koningin naast hem zat: Hoelang zal uw reis duren en wanneer zult u terugkeren? Het was goed in de ogen van de koning. Hij liet mij gaan toen ik hem een bepaalde tijd opgegeven had….

Dit laatste was het woord dat uitgaat , waar de tijdsberekening van Daniël 9:25 op gebaseerd is.

  1. Berekening van de jaartallen, afgeleidt van de twee getuigen profetie

Hypothese van het 70 weken visioen:
Iedere week=7 dagen worden nu 7 jaren. Zoals ook toegepast bij Ezechiël 4:6 ‘Voor elk jaar leg Ik u een dag op’, bij Numeri 14:34 ‘veertig dagen, voor elke dag een jaar’ en zoals ook dat de 7e dag een sabbatdag moest zijn, maar voor het land moest het 7e jaar een sabbatjaar zijn volgens Lev. 25:3-4.
Het lijkt logisch dat er 7 (jaar)weken = 49 jaar nodig waren om Jeruzalem te herbouwen.
7 jaarweken tot aan de herbouw van Jeruzalem + 62 jaarweken tot op de Messias = 69 jaarweken

Wanneer, in welk jaar werd Jezus dan de beloofde Messias?
Jezus werd Messias (gezalfde door Heilige Geest) meteen na Zijn doop, toen de Heilige Geest in de gedaante van een duif op Hem neerdaalde. (Mattheüs 3:16)(zie ook Jes. 61:1-3)
Andreas zei tegen zijn broer Simon dat hij de Messias gevonden had (Johannes 1:41-42).
Johannes de Doper begon met dopen in het 15e regeringsjaar van Tiberius Caesar. (Lucas 3:1-3)
Jezus was bij zijn doop ongeveer 30 jaar oud. (Lucas 3:21-23)
Tiberius regeerperiode begon +/- 14 n.Chr. Het 15e regeringsjaar was dus +/- 29 n.Chr.
Dat betekent dat Jezus ongeveer in +/- 29 n.Chr. de beloofde Messias (gezalfde) is geworden.
Jezus is gestorven in +/- 29 n.Chr. + 3,5 jaar = +/- 33 n.Chr., op de helft van de 70e jaarweek.

Vanaf de tijd dat het woord uitging om Jeruzalem te herbouwen tot op de Messias verstreken er 7+62= 69 weken. Het woord dat uitging (van Artaxerxes) om Jeruzalem te herbouwen (Nehemia 2:1-8) moet dan 69 jaarweken eerder zijn geweest.
In de 2 getuigen profetie (Op. 11:2-3) wordt gesproken over 42 profetische maanden van 30 dagen, in die Schriftplaats tevens beschreven als 1260 dagen.
69 jaarweken = 483 jaar, in dit geval profetische jaren van 360 dagen.
483 profetische jaren zijn +/- 476 zonnejaren (van 365 dagen).

Het uitvaardigen van het woord om Jeruzalem te herbouwen:
+/- 29 n.Chr. – 476 jaar = +/- 448 v.Chr.   (Het jaar 0 bestaat niet)

In het vorige artikel hebben we gezien dat de Spruit (Jezus) op de nieuwe aarde de tempel uit het visioen van Ezechiël zal bouwen (Zacharia 6:12-13).
Toch zijn er voorbereidingen dat er ook nog een tempel in Jeruzalem zal worden gebouwd voor de Antichrist (2 Thess. 2:3-4). (Zie ook: 7. Net als Jezus satans wereld overwinnen. Hoe kunnen we dat?)

De 1e vervulling van de 70 weken profetie
De 70 weken profetie is voor de 1e vervulling een aaneengesloten periode (Dan. 9:24).
Vanaf de komst van de Messias in +/- 29 n.Chr. + 7 jaar = +/- 36 n.Chr.

De 2e vervulling van de 70 weken profetie
De 2e vervulling zal het einde zijn van de twee getuigen profetie (Op. 11:1-14).
Daarmee zullen de 70 weken voor Gods volk zijn beëindigd ‘tot aan de voleinding toe’ (Dan. 9:27) om een eeuwige gerechtigheid tot stand te brengen (Daniël 9:24).

Meteen daarna zal Gods koninkrijk een aanvang nemen (Op. 11:15) en de ‘verwoester’ (Dan. 9:27) – de Antichrist – vernietigd worden en de Satan voor 1000 jaar gebonden worden:

(Openbaring 19:20) 20….Deze twee (het beest en de valse profeet, de Antichrist) werden levend geworpen in de poel van vuur, die van zwavel brandt.
(Openbaring 20:2) 2 En hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en bond hem voor duizend jaar….

Tot slot:

 Het zal opnieuw een opwindend gebeuren zijn in de laatste dagen – voordat de grote dag van God komt – dat Christelijke zonen en dochters zullen spreken in talen en zullen profeteren, zoals dat ook gebeurde tijdens Pinksteren in de 1e eeuw na de uitstorting van de Heilige Geest (Handelingen 2:16-20).

Samenvatting deel 4:
De 1e vervulling van de 70 weken profetie kwam vanaf de komst van de Messias in +/- 29 n.Chr. + 7 jaar = +/- 36 n.Chr.  (3,5 jaar na Jezus dood) met het einde van uitstel van genade voor de Joden.
De 2e vervulling van de  70 weken zal zijn aan het einde van de twee getuigen profetie (na 42 maanden of 3,5 jaar) met het einde van uitstel van genade voor de ongelovige medemensen waarna Gods koninkrijk een aanvang zal nemen (Op. 11:15).

In het volgende artikel bespreken we de volgende hoofdstukken van Daniël.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *